| |


Home
 |
Rendierhouderij in Nellim

Het is moeilijk om de weg
hierheen te vinden. Eindeloze boswegen in een wirwar van kaalslag.
Dit is het meest gekapte gebied van Noord-Finland. Juist vanwege de
zware ontbossing heeft Nellim's siida het merken van de kalveren
moeten verplaatsen. Zowel het tijdsstip als de ruimte.
Na twee weken verzamelen
is het eigenlijke merken van de kalveren begonnen. Nellim's siida is
wat wij hier een Samisch dorpje zouden noemen. Dat betekent dat de
rendieren altijd in het bos zijn en 's zomers niet in de bergen, wat
in Zweden en Noorwegen meer de gewoonte is.
De kalveren worden
genummerd
De kalveren zijn groot
genoeg om gemerkt te worden en hier wordt het
“halsband”systeem
gebruikt. Kort samengevat betekent dit, dat men de rendieren in
kleine groepen in een omheinde weide binnenhaalt. Daar worden de
kalveren met de hand gevangen en krijgen een nummerbordje om de hals.
Vervolgens worden ze in de grote omheining losgelaten en vinden hun
moeder. De rendierhouders noteren daarna aan wie het kalf behoort
door naar het schoongemaakte oormerk te kijken. Dan worden de
rendieren weer in de kleinere omheining gelaten en de kalveren worden
weer met de hand gevangen. Vervolgens wordt het nummer opgeroepen en
de eigenaar van het kalf komt het oor van het dier merken.
De oren worden geknipt
In Zweden gebruikt men
bijna altijd een mes bij deze procedure, maar hier gebruikt men een
speciale tang waar men mee knipt. Dat lijkt voordelen te hebben
t.o.v. het mes. Het duurt bijvoorbeeld jarenlang om een snelle, goede
merker te worden met een mes. Met de tang is dat makkelijker. Het
voordeel van het “halsband”systeem is dat de kalveren
minder
gestresst raken dan met de lassomethode.
Inga-Sara Artijeff is een
van de jonge rendiereigenaren in de siida. Hij en zijn broers en
zusters werken zoveel mogelijk mee met het werk van de
rendierhouderij.
“De toekomst in Nellim
ziet er niet zo licht uit. Er wordt hier ontzettend veel bos gekapt
en dat zorgt ervoor dat de weidegronden van de rendieren verdwijnen.
Afgelopen jaar stopten de rendieren niet bij hun gewoonlijke gebied
om te kalveren vanwege dat er daar ontbost was.”
Proberen de plundering
van de bossen te stoppen
In het voorjaar was
Greenpeace ter plaatse om al te grove kaalslag te verhinderen, maar
het lukte hen alleen de firma toevallig te stoppen. Oude conflicten
werden weer in het leven geroepen in de kleine gemeenschap tussen
degenen die met Greenpeace sympathiseerden en degenen die
sympathiseerden met de firma.
Inga-Sara vertelt ook over
een internationaal mijnbouwbedrijf dat bezig is te onderzoeken of de
bodem hier waarde heeft om te delven. Vinden ze niets dan kan de
rendierhouderij er waarschijnlijk weer bovenop komen. Dat de
rendierhouderij een sterke cultuurdrager is, een zogenaamd
staatsbelang en een meer ecologische wijze om de bodem te gebruiken,
lijkt geen enkele rol te spelen.
Net nu komt Inga met zulke
treurige gedachten. De nacht is jong en een nieuwe kudde moet naar de
grote omheining gehaald worden en Inga-Sara rent weg.
Bron
|
|